De WIA piept en kraakt. Wat betekent dat voor werkgevers?
De berichten stapelen zich op. In de media verschijnen analyses over grote groepen mensen met ernstige gezondheidsbeperkingen die tussen wal en schip vallen. Tegelijk erkent de politiek steeds nadrukkelijker dat het stelsel van ziekte en arbeidsongeschiktheid vastloopt en op onderdelen ingrijpend moet worden herzien.
Voor werkgevers is dat geen abstract debat. De gevolgen zijn concreet.
De uitvoering door UWV staat al geruime tijd onder zware druk. Beoordelingen duren te lang, herbeoordelingen blijven liggen en beslissingen laten vaak onaanvaardbaar lang op zich wachten. Dat raakt niet alleen werknemers, maar ook werkgevers die financieel verantwoordelijk blijven voor WGA-lasten en geconfronteerd worden met langdurige onzekerheid over uitkeringen, toerekening en premiegevolgen.
Daar komt bij dat de politieke discussie inmiddels verder gaat dan alleen uitvoeringsproblemen. Er wordt openlijk gesproken over fundamentele wijzigingen in het stelsel, waaronder een andere inrichting van arbeidsongeschiktheid en het beperken of afschaffen van bestaande regelingen. Dat maakt één ding duidelijk: stilzitten is voor werkgevers geen optie.
Juist in een stelsel dat piept en kraakt, is actieve dossiersturing belangrijker dan ooit. Niet alleen bij de vraag of een uitkering terecht is toegekend, maar ook bij duurzaamheid, functieduiding, resterende verdiencapaciteit, herbeoordelingen, toerekening van lasten en de uiteindelijke premie-impact.
Voor werkgevers betekent dit dat scherp en tijdig handelen het verschil maakt tussen grip houden en achter de feiten aanlopen. Voor ons betekent het dat wij blijven doen waar wij goed in zijn: kritisch beoordelen, juridisch doorpakken en sturen op beperking van onnodige WIA-schadelast.
De WIA zoals we die kennen staat onder druk. Dat is geen reden om af te wachten. Het is juist reden om er bovenop te zitten.